Provincies in Cijfers laat gegevens zien op meerdere gebiedsniveaus, bijvoorbeeld gemeenten, arrondissementen, provincies.
De meeste data wordt verzameld op niveau van de gemeenten of de statistische sectoren.
Gegevens over andere gebiedsniveaus kunnen doorgaans afgeleid worden uit deze gegevens. Gebruikers kunnen dan ook eigen Gebiedsgroepen samenstellen (bij Gebiedsselectie).
Omwille van de geografische consistentie is de basis van alle vlakken op de kaart de geometrie van de statistische sectoren zoals deze door
GeoPunt wordt verdeeld.
Voor het gebruik in deze toepasisng worden de grenzen eerst vereenvoudigd. De grenzen op de kaart zijn dus enkel een hulp voor visualisatie
en staan dus los van bijvoorbeeld het voorlopig referentiebestand gemeentegrenzen voor Vlaanderen.
Shapefiles en gebiedsdefinities van al onze indelingen zijn te downloaden op onze Github pagina’s.
Werkingsgebied woonmaatschappijen
Dit is het meest gedetailleerde niveau van statistische rapportage in België.
Deze worden beheerd en geactualiseerd door Statbel, het vroegere NIS.
Meer informatie op hun website.
Sinds maart 2026 bestaat er op provincies.incijfers.be een nieuw niveau statistische sectoren naar aanleiding van de grondige hervorming van de sectoren in 2025. Het oude niveau kan je terugvinden onder de naam statistische sector (indeling 2020 t.e.m. 2024), het nieuwe heeft als naam: statistische sectoren.
provincies.incijfers.be probeert zo veel mogelijk data op dit niveau te ontsluiten. Dit is echter niet altijd mogelijk, en niet altijd zinvol.
Contacteer Data & Analyse als je vragen hebt over het data-aanbod op dit niveau.
Er bestaat geen officiële wijkindeling van Vlaanderen of België. We werken hier met een clustering van statistisch sectoren.
Naar aanleiding van de hervorming van de sectoren in 2025 bevat provincies.incijfers.be twee wijkindelingen: de indeling tot en met 2024, gebaseerd op de indeling van de sectoren tot en met 2024 enerzijds en de nieuwe indeling, gebaseerd op de nieuwe sectoren anderzijds.
Heb je als gemeente nog geen gemeentegedragen wijkindeling en wil je er graag één? Neem dan contact op met Data & Analyse van je provincie.
Omdat deelgemeenten geen juridische grondslag hebben, is hier geen eenduidige definitie van. Als vertrekpunt hebben we de dataset van het NGI met deelgemeenten genomen. Deze deelgemeenten gaan terug tot de toestand van de gemeenten in 1961. De deelgemeente is vaak, maar niet altijd, af te leiden uit de code van de statistische sector.
In provincies.incijfers.be volgen we de definitie van het NGI, voor zover deze overeenkomt met de grenzen van statistische sectoren. Waar dat niet het geval was, hebben we keuzes gemaakt.
Een gedetailleerde methodologie en downloadbare bestanden met gebiedstoekenning, vind je op onze Github.
Naar aanleiding van de hervorming van de sectoren in 2025 bevat provincies.incijfers.be twee gebiedsniveaus deelgemeente: de indeling tot en met 2024, gebaseerd op de indeling van de sectoren tot en met 2024 enerzijds en de nieuwe indeling, gebaseerd op de nieuwe sectoren anderzijds.
De gemeenten vormen de meest courante gebiedsindeling op provincies.incijfers.be. Heel wat data wordt op dit niveau verzameld.
Waar nuttig en mogelijk, proberen we gegevens ook op een sub-gemeentelijk niveau te verzamelen.
Gemeente 2018: Onder impuls van het Vlaams fusiedecreet (15 juni 2016) beslisten een aantal gemeenten in Vlaanderen vrijwillig te fusioneren.
Dat wil zeggen dat vanaf 1 januari 2019 Vlaanderen 300 gemeenten telt i.p.v. 308. Deze fusies hebben uiteraard impact
op de geografische afbakening en naamgeving van gemeenten. Statbel heeft ook nieuwe NIS-codes aan deze nieuw gevormde gemeenten toegekend. De indeling van voor de fusies kan je terugvinden onder ‘gemeente 2018’.
Concreet gaat het om de volgende samenvoegingen van gemeenten:
Gemeente 2024: Op 1 januari 2025 fuseerden opnieuw een aantal gemeenten. De indeling van voor deze fusie (dus van 1/1/2019 t.e.m. 31/12/2024) kan je terugvinden onder ‘gemeente 2024’. De nieuwe indeling wordt het standaard gemeenteniveau.
Dit wil zeggen dat vanaf 1 januari 2025 het aantal Vlaamse gemeenten daalt van 300 naar 285. Ook nu heeft Statbel nieuwe NIS-codes aan deze nieuw gevormde gemeenten toegekend.
Concreet gaat het om de volgende samenvoegingen van gemeenten:
Voor sommige data is het nog niet mogelijk deze te verkrijgen voor de nieuw gefuseerde gemeenten. Bijgevolg zijn er drie soorten van gebiedsindelingen beschikbaar in provincies.incijfers.be, nl.: het niveau “gemeente”, dat slaat op de indeling van de Vlaamse gemeenten zoals die van kracht is vanaf 1 januari 2025, het niveau dat slaat op de indeling vanaf 1 januari 2019 en en het niveau “gemeente (indeling t.e.m. 2018)” dat de toestand van vóór de fusies van weergeeft.
Bijgevolg is het mogelijk om:
Bestuurlijke arrondissementen zijn een administratieve groepering van een aantal gemeenten binnen een provincie.
Vlaanderen en Brussel, tellen in totaal 23 bestuurlijke arrondissementen.
N.a.v. de fusies van enkele Vlaamse gemeenten in 2019 ontstaat er een gewijzigde samenstelling van bestuurlijke arrondissementen,
m.n. in de provincie Limburg.
Concreet gaat het om Meeuwen-Gruitrode en Opglabbeek die samensmolten tot de nieuwe gemeente Oudsbergen.
Het grondgebied van Opglabbeek
maakte voorheen deel uit van het arrondissement Hasselt, maar valt nu onder de gemeente Oudsbergen,
die deel wordt van het arrondissement Maaseik.
N.a.v. de fusies in 2025 ontstaat er opnieuw een gewijzigde samenstelling. Zwijndrecht viel voorheen onder Antwerpen maar n.a.v. de fusies valt Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht nu onder Sint-Niklaas. Kortessem hoorde voorheen onder Tongeren en valt nu in de nieuwe fusiegemeente onder Hasselt.
Ten slotte viel Moerbeke onder Gent terwijl de nieuwe fusiegemeente (Lokeren) nu onder Lokeren valt.
Bijgevolg zijn er drie soorten van gebiedsindelingen van bestuurlijke arrondissementen beschikbaar in Provincies in cijfers, nl.:
In uitzonderlijke gevallen is het arrondissement het meest gedetailleerde niveau waarvoor data beschikbaar is.
De Gezondheidsmakers (het vroegere Logo oftewel LOkaal GezondheidsOverleg) heeft zijn toegewezen regio van gemeentes waar ze lokaal meewerken aan de realisatie van het preventieve gezondheidsbeleid en de Vlaamse gezondheidsdoelstellingen. Meer informatie over de werking van de Gezondheidsmakers vind je op hun website.
Elke provincie is opgedeeld in politiezones. Dit zijn groeperingen van gemeenten die het werkingsgebied vormen van de lokale politie. Sommige politiezones omvatten slechts één gemeente (eengemeentezone), andere bestaan uit twee of meer gemeenten (meergemeentezone). Sinds 1 januari 2025 heeft Vlaanderen 107 politiezones.
In het kader van de hervorming van de eerstelijnszorg heeft de Vlaamse overheid, na bevraging van het werkveld,
60 eerstelijnszones afgebakend: 59 in Vlaanderen en 1 in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Eerstelijnszone vallen binnen de grenzen van één provincie.
Het gaat om een geografisch afgebakend gebied, gevormd door één of meerdere gemeenten
en aangestuurd door een zorgraad. Enkel in de omgeving van de Stad Antwerpen werd een groepering gemaakt op basis van een combinatie van districten en aangrenzende gemeenten.
Om technische redenen waren we genoodzaak deze vier gebieden (Antwerpen-Centrum, Noord-Antwerpen, Antwerpen-Oost en Antwerpen-Zuid) samen te voegen tot een enkel gebied dat we “Antwerpen en rand” gedoopt hebben. Het is echter wel mogelijk om dit gebied verder uit te splitsen tot de werkelijke Eertselijnszones in dit gebied.
Meer informatie over de oprichting en de doelstelling van eerstelijnszones vind je
hier.
De toeristische regio-indeling in de databank is deze zoals gebruikt voor beleid en statistiek. Deze regio’s komen niet volledig overeen met de indeling voor promotie. Bij het opstellen van deze toeristische regio’s primeren de gemeentegrenzen, met hierbij 1 uitzondering, nl. Brugge: de gemeente Brugge bestaat immers uit Zeebrugge, dat tot de toeristische regio Kust behoort, en daarnaast de kunststad Brugge. Omwille van deze uitzondering, zijn niet alle cijfers uit de databank raadpleegbaar voor de toeristische regio’s “kust” en “kunststad Brugge”. Cijfers die tot het kleinschalige gebiedsniveau statistische sector beschikbaar zijn, kunnen wel voor alle toeristische regio’s geraadpleegd worden. Enkel de huidige samenstelling van de toeristische regio’s (situatie 2020) is opvraagbaar in de databank. Voor vragen over het toeristisch regioniveau kan je terecht bij de provinciale contactpersonen toerisme.
Naar aanleiding van de hervorming van het mobiliteitsbeleid in Vlaanderen werden 15 vervoerregio’s afgebankend. Binnen deze groepering van gemeenten wordt samengewerkt aan basisbereikbaarheid. Elke regio is een samenstelling van gemeenten. De provincie Limburg is één vervoerregio. West-Vlaanderen is onderverdeeld in vijf vervoerregio’s. In de andere provincies worden de provinciegrenzen overschreden door de indeling. Meer informatie over deze indeling op de site basisbereikbaarheid.be van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
Deze typologie biedt de mogelijkheid om je eigen gemeente te vergelijken met andere Vlaamse gemeenten met een gelijkaardige uitrustingsgraad.
Ze werd uitgewerkt in de studie "Uitrustingsgraad van de Vlaamse gemeenten 2023", uitgevoerd door het Steunpunt Data & Analyse van de provincie Vlaams-Brabant in samenwerking met prof. em. Etienne Van Hecke (KULeuven). Deze studie kent in eerste instantie aan elke gemeente een uitrustingsniveau toe (rekening houdend met voorzieningen op het vlak van onderwijs, zorg, publieke en zakelijke dienstverlening, persoonlijke dienstverlening, horeca, detailhandel, cultuur en recreatie en sport), wat resulteert in zeven types van steden en gemeenten:
De uitrustingsgraad die hier wordt gebruikt omvat twee types meer. De eerste drie (de centrumsteden en -gemeenten) blijven hetzelfde. De andere vier (de andere steden en gemeenten) worden opgesplitst naargelang ze al dan niet binnen de invloedssfeer van een centrumstad liggen. De ligging binnen zulke invloedssfeer of stadsgewest heeft immers impact op de daar aanwezige uitrustingsgraad. Het gaat concreet om de volgende types:
Centrumsteden en -gemeenten:
Andere steden en gemeenten:
Naar aanleiding van de gemeentefusies op 1 januari 2025 werd de uitrustingsgraad voor de nieuwe gefusioneerde gemeenten opnieuw berekend. Wanneer de berekende uitrustingsgraad lager uitkwam dan die van de hoogst gerangschikte oude gemeente van voor de fusie (bijvoorbeeld omwille van een lagere uitrusting per inwoner), werd de hogere graad behouden.
Steden en gemeenten kunnen in het kader van hun detailhandelsbeleid een kernwinkelgebied (KWG) afbakenen. Dit begrip maakt deel uit van het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid (DIHB) en kadert in een kernversterkend beleid. Binnen het kernwinkelgebied voert een gemeentebestuur een specifiek beleid dat de handelaars ondersteunt. Het is mogelijk dat een gemeente meerdere kernwinkelgebieden heeft afgebakend.
Het team detailhandel van uw provincie kan uw gemeente ondersteunen bij het afbakenen van het kernwinkelgebied.
Het kernwinkelgebied wordt soms verward met “het centraal winkelgebied”, een van de types winkelgebieden die door Locatus worden afgebakend.
Handelspanden - met een minimum van vijf verkooppunten - kunnen worden geclusterd tot een “winkelgebied”. Het is de buitendienst van Locatus die de begrenzing van de winkelgebieden vastlegt. Onderlinge samenhang van de handelspanden vormt hierbij het belangrijkste uitgangspunt. Elk winkelgebied krijgt van Locatus een naam en een functie (winkelgebiedstype en -hoofdtype).
Afhankelijk van het aantal winkels, de straal van het winkelgebied en de verzorgende functie ervan, worden de winkelgebieden ingedeeld in verschillende “winkelgebiedstypes”. Voorbeelden zijn: baanconcentraties, hoofdwinkelgebied, binnenstedelijke winkelstraat. Naargelang de ligging wordt op het niveau van “winkelgebiedshoofdtype” een onderscheid gemaakt tussen centraal, ondersteunend en overig (d.i. planmatig ontwikkeld gebied). Handelspanden die niet tot één van deze categorieën kunnen worden ingedeeld, vallen onder “verspreide bewinkeling”.
Dit niveau heeft betrekking op twee groeperingen van gemeenten en steden, nl.:
Deze gebiedsindelingen hebben gemeenschappelijk dat de Vlaamse Overheid specifieke fondsen voorziet voor het ondersteunen van deze gemeenten.
De referentieregio’s werden door de Vlaamse Regering afgebakend. Ze zijn bedoeld als afstemmingsniveau voor alle vormen van intergemeentelijke en bovenlokale samenwerking in Vlaanderen. De grenzen van de referentieregio’s overschrijden de provinciegrenzen niet. De referentieregio Limburg valt samen met de gemeenten van de provincie Limburg. Er werden wel drie subregio’s afgebakend, maar die vallen buiten de scope van deze gebiedsindeling.
Meer info over deze indeling op de website van Agentschap Binnenlands Bestuur.
Vanaf 1 januari 2023 moeten sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM’s) en sociale verhuurkantoren (SVK’s) één woonactor vormen met maar één speler per gemeente: de woonmaatschappij.
Meer info over deze indeling via Wonen in Vlaanderen.
De interprovinciale werking Data & Analyse bakende voor elke provincie een gebied ‘streekwerking’ af. Binnen dit niveau heb je de mogelijkheid om de kustgemeenten, met uitzondering van Brugge, te selecteren. Hierdoor kan je kustgemeenten vergelijken met het geheel van kustgemeenten, wat bij de andere gebiedsniveaus niet mogelijk is.
In Vlaanderen is een intergemeentelijk samenwerkingsverband (IGS) een formele samenwerking tussen twee of meer Vlaamse gemeenten, met als doel om samen bepaalde beleidsdomeinen aan te pakken. Deze samenwerkingsverbanden zijn vaak juridisch verankerd en kunnen verschillende vormen aannemen, afhankelijk van het doel en de intensiteit van de samenwerking. IGS’en kunnen van de Vlaamse overheid subsidies ontvangen voor specifieke beleidsdomeinen zoals wonen, economie, duurzaamheid, integratie ... .
De werking van IGS’en is geregeld in het Decreet Lokaal Bestuur (2017) en het Decreet Intergemeentelijke Samenwerking, met regels rond transparantie, rapportering, en goed bestuur.
Voor meer informatie kan je terecht op deze website.
In het niveau Provincie vind je de vijf Vlaamse provincies. Om gemakkelijker met Brussel te kunnen vergelijken, is ook het Brussels Hoofdstedelijk Gewest beschikbaar op dit niveau.
Op 1 januari 2025 werden de grenzen van de provincies licht hertekend n.a.v. Zwijndrecht die voorheen tot de provincie Antwerpen behoorde, fuseerde met Beveren en Kruibeke tot de nieuwe gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrect. Deze nieuwe fusiegemeente behoort tot Oost-Vlaanderen.
Daarom zijn er nu twee twee soorten gebiedsindelingen beschikbaar m.b.t. de provincies:
Dankzij de interprovinciale samenwerking is er data beschikbaar voor het ganse Vlaams Gewest. Daarnaast proberen we ook zo veel mogelijk data te verzamelen over het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.